En verder:
9 Dit artikel gaat niet over AI
12 Werken met duurzame en natuurlijke materialen
14 Muziekcolumn: Fantasiesafari
16 Kunstbeleving als motor van ontdekkend leren
23 Een pedagogisch coach voor de pedagogisch professional
26 Kinderboeken
28 Taal groeit wanneer kinderen het beleven
31 Ontdekken begint bij de ruimte
38 Okiddo 4-12 jaar: Van een stuk klei naar een keramieken schaaltje
41 KiMu: van creatieve kinderopvang tot kinderkunstmuseum
44 Leespluim
46 Vakliteratuur
48 Creatief denken is geen luxe, maar pure noodzaak
50 Ouders als partner in ontdekkend spelen en leren
56 Waar het hart woont; hechting, liefde en nabijheid als fundament
59 Mam, hoe oud moet ik zijn om met iemand te zoenen?
62 Tussen haast en aandacht; ontdek de kracht van de overdracht
69 Ontdekken en onderzoeken in de kinderopvang
72 Tussen tegels en regels; ontdekken in de natuur
76 Muzikaal ontdekkingsspel in de bso
80 De verwondering levend houden
84 Ontdekken? Dat doe je buiten, in het groen natuurlijk!
87 Podcasttips
91 Spelen als motor voor ontdekken
94 Kobus, de dwarse krab en andere interactieve voorleesboeken
96 Okiddo 0-4 jaar: Rekenen begint niet met cijfers, maar met beleven
98 Volgende keer & Colofon
Ken je dat gevoel? Je zit eindelijk op de bank en in je hoofd ben je nog steeds bezig met die ene observatie of dat berichtje voor de ouder-app. Je bent fysiek wel thuis, terwijl je ‘werk-knop’ nog volop aan staat. Dit artikel gaat over hoe slimme hulp je werkdag lichter maakt, zonder dat je je vak hoeft los te laten.
Laten we eerlijk zijn: je hebt de mooiste baan van de wereld en aan het einde van de dag ben je vaak ook gewoon ‘op’. Je hebt alles gegeven voor de kinderen. Brandjes geblust in de bouwhoek, snotneuzen weggepoetst en voor de derde keer die luier verschoond die net vijf minuten schoon was...
En dan begint wat ik altijd gekscherend ‘de tweede dienst’ noem. Terwijl de ouders straks hun kinderen ophalen, pak jij de tablet erbij. Het is tijd om de ouder-app bij te werken en de voortgang in het kinddossier te zetten. Je hoofd zit nog vol van alle indrukken, geluiden en emoties van de dag. De juiste woorden vinden gaat dan een stuk moeilijker. Is het niet fijn dat er dan een digitale assistent is die jou nu kan helpen? Dit artikel gaat niet over AI. Het gaat over jouw kostbare tijd en hoe je die met een beetje hulp terugkrijgt van technologie.
De dag dat alles veranderde
Het was september 2023. Ik zat achter mijn laptop en mijn hoofd stond nog volop ‘aan’ van de werkdag. De dag was hectisch geweest en ik had nog een stapel mails te beantwoorden. Ik dacht: ik ga het gewoon eens proberen, die ChatGPT waar iedereen het over heeft en waar je overal over leest.
Ik was nieuwsgierig naar deze nieuwe tool, maar verwachtte er eerlijk gezegd niet veel van. Ik dacht dat zo’n digitale hype voor ons werk totaal niet belangrijk zou zijn. Wij werken immers met onze handen, ons gevoel en ons hart. Wat kan een computer daar nou aan toevoegen?
Ik toetste een simpele opdracht in: schrijf een vacature voor een pedagogisch medewerker op een kinderdagverblijf. Wat er toen op mijn scherm verscheen, was bizar. Ik kreeg een tekst die echt klopte. Geen zakelijk, koud verhaal, maar een warme, uitnodigende tekst in precies de juiste toon. Het voelde alsof er een ervaren collega aan de andere kant zat die de praktijk door en door begreep. Op dat moment wist ik direct: dit is geen grapje of een tijdelijke trend. Dit is een absolute gamechanger, óók voor iedereen die in de kinderopvang werkt.
Op een rustige donderdagochtend, vlak voordat de kring begint, zitten twee peuters bij de vertel-ontdekplek: een lage tafel met materialen uit het prentenboek van die week. ‘Dit is het huis van de beer’, zegt de een terwijl ze een dennenappel neerzet. De ander legt een kastanje ernaast en zegt er niets bij. De pedagogisch professional volgt het spel en sluit aan met een open vraag: ‘Wie zouden er nog meer in het bos wonen?’
Daarnaast bevat de Taalhoek materialen voor letterherkenning en taalspellen, zorgvuldig geselecteerd zodat pedagogisch professionals met de kinderen aan alle ontwikkeldoelen van taal kunnen werken. Elke activiteit draagt bij aan betekenisvolle taalontwikkeling. Maar Taalrijk gaat verder dan inrichting. Danina legt uit: ‘We willen dat taal uitgroeit tot iets wat je samen beleeft, niet iets wat je aanbiedt. Daarom krijgen alle pedagogisch professionals van Kibeo in nieuwe trainingen inspiratie en ideeën om taal op een speelse en bewuste manier te stimuleren. Maar taalontwikkeling gebeurt natuurlijk niet alleen op de groep, thuis speelt een minstens even grote rol. Daarom is ouderbetrokkenheid een vast onderdeel van Taalrijk.’
Taalrijk voor thuis
Om die doorgaande lijn tussen opvang en thuis te versterken, krijgt Taalrijk ook een plek buiten de groep. Op elke vestiging komt een uitleenkast bij de ingang, gevuld met boeken in verschillende thuistalen, prentenboeken die ook op de groep worden gebruikt én materialen die taalspel thuis stimuleren. Danina: ‘Wanneer ouders thuis een boek in de thuistaal voorlezen en datzelfde boek op de groep in het Nederlands terugkeert, ontstaat een krachtige koppeling tussen beide taalwerelden. Zo versterken thuis en opvang elkaar.’
In de kinderopvang staat ontwikkeling centraal. Pedagogisch medewerkers begeleiden kinderen dagelijks in hun spel, relaties en leerervaringen. Daarbij ligt de aandacht vaak op zichtbaar gedrag: wat kinderen doen, zeggen en laten zien. Talentgericht werken vraagt om een ruimere blik.
Talentgericht kijken, praten en begeleiden nodigt pedagogisch professionals uit om verder te kijken dan gedrag alleen en oog te hebben voor wie een kind is en waar het kind energie van krijgt. Juist daar liggen de talenten die bijdragen aan welbevinden, veerkracht en een positieve ontwikkeling.
Talenten als zaadjes
Talenten kunnen worden gezien als zaadjes die ieder kind bij de geboorte al met zich meedraagt. Deze metafoor maakt duidelijk dat talent geen vaststaand gegeven is, maar iets dat zich kan ontwikkelen wanneer de omstandigheden gunstig zijn. Net als zaadjes hebben talenten aandacht, vertrouwen, veiligheid en ruimte nodig om te groeien (Pronk & Busschots, 2018).
Voor pedagogisch professionals betekent dit dat talentontwikkeling geen extra taak betreft, maar onderdeel vormt van het dagelijks werk. Door kinderen een veilige omgeving te bieden waarin zij zichzelf mogen zijn, ontstaat ruimte om talenten tot uiting te laten komen. Sommige talenten groeien snel, andere hebben meer tijd nodig. Dat vraagt om geduld, vertrouwen en een open blik.
Kijken onder het wateroppervlak
Talentgericht werken wordt vaak uitgelegd met de metafoor van de ijsberg. Het gedrag dat we zien – spelen, praten, reageren – is slechts het topje boven water. Onder het wateroppervlak bevinden zich diepere lagen zoals motivatie, interesses, betrokkenheid, voorkeuren en persoonlijke kwaliteiten (Dewulf, 2021). Pronk en Busschots (2018) benadrukken dat juist daar het echte talent te vinden valt.
Een kind dat graag tekent of cadeautjes inpakt, laat glimmende ogen zien tijdens deze activiteit. Het talent zit echter niet in de activiteit zelf, maar in wat dit zegt over het kind: creativiteit, zorgvuldigheid, doorzettingsvermogen of plezier halen uit iets moois maken voor een ander. Voor pp’ers betekent dit dat observeren alleen niet volstaat. Talentgericht werken vraagt om verdiepend kijken en nieuwsgierige vragen te blijven stellen, oftewel: achter het gedrag kijken dat een kind laat zien.
In onze samenleving lijkt er soms nog steeds één ideaalbeeld te bestaan voor ‘het gezin’. Reclames tonen vaak een vader, een moeder en twee kinderen om een beeld van warmte en harmonie uit te stralen. Maar de werkelijkheid is stukken gevarieerder dan dat.
Kinderen in Nederland groeien op in talloze verschillende woonvormen: bij biologische ouders, in pleeggezinnen, gezinshuizen of binnen complexe gezinssituaties waarin ziekte, beperkingen of psychische problematiek een rol spelen. Het begrip ‘normaal gezin’ is achterhaald. Wat werkelijk telt is niet de vorm van het gezin, maar de kwaliteit van de verbinding die het kind daarin ervaart. In dit artikel verkennen we wat kinderen écht nodig hebben om zich veilig en liefdevol te kunnen ontwikkelen, mede aan de hand van het pedagogische boek Huisje in mijn hart.
De kern van ontwikkeling: een veilige basis
Ieder kind verlangt ernaar gezien, gehoord en geliefd te worden. Een stabiele, voorspelbare omgeving vormt de bodem waarop een kind kan groeien. Als sociaal pedagoog zie ik dagelijks hoe krachtig de natuurlijke ontwikkelingsdrang van kinderen is, zolang hun basisbehoeften worden vervuld.
Wanneer een kind zich veilig voelt, kan het vanuit vertrouwen leren, ontdekken en groeien. Ontbreekt die veiligheid, dan richt de aandacht zich noodgedwongen op overleven. Er ontstaan blokkades: et kind past zich aan, ontwikkelt coping mechanismen en leert dat veiligheid niet vanzelfsprekend is. Deze mechanismen beschermen op korte termijn, maar belemmeren de vrije ontwikkeling op lange termijn. Een veilig gezin in welke vorm dan ook is daarom geen luxe, maar een noodzaak. ‘Voor mij is het belangrijk dat mijn pleegkinderen zich geaccepteerd voelen om wie ze zijn. Ik probeer ze niet te veranderen, alleen te ondersteunen bij hun ontwikkeling naar zelfstandigheid. Een veilige basis betekent voor mij: structuur, regelmaat, veel liefde en aandacht en ook grenzen stellen’, aldus Huub, pleegvader van vier kinderen van 22, 16, 9 en 7 jaar oud.
Liefde kent vele woonvormen
Kinderen groeien op in uiteenlopende leefomgevingen. Soms bij hun biologische ouder(s), maar geregeld ook in andere constellaties: in pleeggezinnen wanneer ouders tijdelijk of langdurig niet voor hun kind kunnen zorgen; in gezinshuizen waar echtparen, familieleden of betrokken professionals een stabiele thuishaven bieden; of in meer kwetsbare situaties, bijvoorbeeld wanneer ouders kampen met psychische problemen of wanneer een kind langdurig in het ziekenhuis verblijft.
De samenleving verandert en daarmee ook de gezinsvormen waarin kinderen opgroeien. In al deze vormen van opgroeien is één constante van doorslaggevend belang: de kwaliteit van de relatie tussen het kind en de opvoeder. Niet de bloedband bepaalt de veiligheid, maar een ervaring dat ze gezien, gedragen en onvoorwaardelijk geaccepteerd worden.
Zelf ben ik opgegroeid in een pleeggezin. Wat mij als kind heeft beschermd, was het gevoel dat mijn omgeving zowel mijn woonsituatie als mij als persoon volledig accepteerde. Natuurlijk waren er vragen, maar over het algemeen voelde ik me nooit alsof ik anders was of alsof ik me moest verantwoorden voor mijn achtergrond. Dat kwam vooral doordat leerkrachten en andere ouders mij benaderden zoals ieder ander kind, zonder stigmatiserende of pijnlijknieuwsgierige vragen. De vragen gingen nooit over mijn biologische ouders, voor mij een belangrijke grens. Ondanks dat zij niet voor mij konden zorgen, voelde ik liefde voor hen. Ze zijn en blijven mijn ouders. Ik wilde niet gedwongen worden om negatief over hen te spreken of vragen te beantwoorden die me in die richting duwden. Deze ervaring heeft mij geleerd hoe krachtig acceptatie is. Een kind dat niet steeds hoeft uit te leggen waarom zijn leven eruitziet zoals het eruitziet, krijgt de ruimte om gewoon kind te zijn.