Interview met Leontien Sauerwein
Zodra ouders een kind met een beperking krijgen, verandert hun wereld. ‘Je moet een nieuwe kaart voor je leven tekenen’, vertelt Leontien Sauerwein, ervaringsdeskundige en programmaleider ouderondersteuning bij Cordaan Jeugd. Voor haar masterscriptie legde ze verhalen van ouders onder de loep.
Deze spreuk stond in een lijstje op het bureau in de oval office van de Amerikaanse president Harry S. Truman om hem eraan te herinneren dat hij de ultieme morele verantwoordelijkheid droeg voor de keuzes die hij maakte. ‘The buck stops here’ verwijst naar ‘buck passing’: een handeling waarbij verantwoordelijkheden afgeschoven worden op andere personen of groepen. Door de westerse geschiedenis van de filosofie heen wordt het afschuiven van morele verantwoordelijkheden doorgaans als verwerpelijk bestempeld. Sartre bijvoorbeeld noemt dit ‘te kwader trouw zijn’ en Kant benadrukt in zijn plichtsethiek dat mensen die over de verstandelijke capaciteiten beschikken om te bedenken wat moreel goed is, ook de plicht hebben om te handelen overeenkomstig hun morele overtuigingen.
Weerbaarheid ontwikkelen als je gehandicapt bent
Als je bij het opgroeien verzorging nodig blijft hebben, kan je besef van autonomie en lichaamsgrenzen onderontwikkeld blijven. Cirkels van Nabijheid is een methode om kinderen met een beperking op weg te helpen naar autonomie. Het nieuwe en bijzondere aan de methode is dat wordt gewerkt aan de voorwaarden voor weerbaarheid: ze helpt kinderen te begrijpen welke mensen wat met hen mogen doen. Dit artikel beschrijft aan de hand van een casus de werking van en het gedachtegoed achter Cirkels van Nabijheid. De methode is ontwikkeld voor kinderen met een meervoudige beperking maar is veel breder inzetbaar.
Vragen of, en onder welke voorwaarden, persoonsgegevens gedeeld kunnen worden in samenwerking tussen professionals, leidt tot dilemma’s voor gedragswetenschappers. In dit artikel wordt de relatie tussen de beroepscodes en de AVG geduid. Vaak zal de beroepscode leidend zijn voor orthopedagogen en psychologen. In dit artikel bespreken we veelvoorkomende situaties en bieden handreikingen over hoe gedragswetenschappers kunnen handelen in die situaties.
In Friesland stond een behandelcentrum genaamd Woodbrookers; hier werden jongeren geplaatst waarvan het niet mogelijk was ze thuis te behandelen. Een JeugdzorgPlus-instelling, voor gesloten jeugdhulp. Gesloten jeugdhulp is een van de zwaarste vormen van jeugdhulpverlening, die bovendien ernstig inbreuk maakt op de persoonlijke vrijheid van de desbetreffende minderjarige, net als op zijn recht op een familieleven.
Hoewel er in de afgelopen decennia veel is geschreven over autisme, biedt Dynamieken van autisme een indrukwekkende verkenning van de complexiteit van autisme en een verfrissende, filosofische kijk op het onderwerp. Kristien Hens, ethicus aan de Universiteit Antwerpen, neemt de lezers mee op een intrigerende reis naar de diepere lagen van autisme en de bijbehorende ethische vraagstukken.
Veel professionals die met jonge kinderen (onder de 6 jaar) werken, richten zich op de (gehechtheids)relatie tussen opvoeder en kind. Als het om kinderen in de basisschoolleeftijd (6 t/m 11 jaar) gaat, ontbreekt het bij professionals vaak aan kennis over hoe de gehechtheidstheorie bij deze gezinnen toe te passen. Deze studie geeft een overzicht van de wetenschappelijke literatuur over gehechtheid in de basisschoolleeftijd en biedt een overzicht en vele voorbeelden van veilige en onveilige gehechtheidsrelaties die professionals in de dagelijkse praktijk tegenkomen. Dit overzicht kan aanknopingspunten bieden voor hulpverleners in het herkennen van onveilige gehechtheidrelaties tussen opvoeder en kind in de basisschoolleeftijd.
Als orthopedagoog kom je in de dagelijkse praktijk geregeld dilemma’s tegen. Hoe bijvoorbeeld om te gaan met de situatie dat je je zorgen maakt over de kwaliteit van zorg binnen je instelling of bij collega’s? Wat is jouw verantwoordelijkheid daarbij en wat die van je werkgever? In dit artikel wordt belicht hoe je met behulp van wet- en regelgeving, richtlijnen, tuchtrecht en de NVO-beroepscode zorgvuldig met deze situaties om kunt gaan.
Toen ik nog een klein bioloogje was, moest ik ooit 12 studiepunten aan vrije ruimte verplicht buiten de faculteit besteden. Mijn keuze viel algauw op de filosofievakken (met een uitstapje naar ‘controversies in de psychologie’, daarover later meer). ‘Goed en Kwaad’ heette de eerste cursus en hij ging over ethiek. Het was een bijzondere gewaarwording. In Groningen waren destijds alle bètavakken al verbannen naar campussen buiten de stad. Het was dus voor het eerst dat ik een college volgde in het centrum, en überhaupt de eerste keer dat ik in het Academiegebouw was.
Met mijn meiden speel ik het spel Levensweg. Al voordat we starten, moet je kiezen: carrière of eerst naar de universiteit. De laatste maakt dat je in het spel meer geld kunt verdienen doordat je dan keus hebt uit carrières met een hoger salaris, zoals dokter, advocaat of accountant. Mijn oudste dochter, die van leren houdt, kiest uiteraard voor de route universiteit, terwijl de jongste gewoon gelijk wil kiezen uit de carrièrekaarten. Als je 6 jaar oud bent, is een langetermijnkeus ook nog lastig. Vervolgens moet je tijdens het spel allerlei keuzes maken zoals trouwen, een gezin of vervroegd met pensioen, waarbij de afweging van de meiden een mooi inzicht geeft in hun denken. Zo gaat de jongste echt pas met pensioen als haar man dat ook doet, anders is ze zo alleen, terwijl de oudste kansen ziet om nog even wat extra salaris te ontvangen als ze nog even doorloopt op het bord.
Voorbij pedagogische en levensbeschouwelijke verwaarlozing
In onze neoliberale samenleving met focus op maakbaarheid, beheersing en marktwerking staat onderwijs steeds minder ten dienste van de vorming van kinderen en jongeren. Dit heeft een enorme weerslag op onder meer het mentale welzijn van kinderen en jongeren. Psychiaters spreken van een zingevingscrisis: de moderne mens blijft achter met zijn of haar eigen existentiële vragen en eenzaamheid. Geconfronteerd met zoveel jongeren die worstelen om hun plek in de wereld te vinden, is het hoog tijd om in onderwijs en opvoeding weer meer werk te maken van vorming. Inclusief expliciete aandacht voor de existentiële vragen en behoeften van jongeren.
Als ik denk aan ethiek, is het eerste wat er in mij opkomt ‘respectvol omgaan met de ander’. Hoe doe je dat? Dit is naar mijn idee afhankelijk van het gezin waarin je opgegroeid bent en waarin je gevormd bent door de waarden en normen die je daar meekrijgt. Ik ben in een klein dorpje in Friesland opgegroeid, waar ik geleerd heb om er voor elkaar te zijn, voor de ander klaar te staan en de ander vertrouwen te geven. Dit is voor mij de norm waarmee ik het contact met de ander aanga. Ethische dilemma's zijn echter cultuurbepaald en afhankelijk van maatschappelijke invloed, dit maakt ethisch handelen soms abstract en ingewikkeld.
Een uitweg in tien stappen
Dit artikel beschrijft een door mij ontwikkeld stappenplan, dat je als hulpverlener kunt toepassen op een casus waarin je een ‘salomonsoordeel’ moeten vellen. Het stappenplan kan steun bieden als je je in een complexe of dilemmacasus handelingsverlegen voelt door enerzijds de complexiteit van de casus en anderzijds de voorzienbare impact van het besluit dat, linksom of rechtsom, genomen moet worden. Door het stappenplan consequent te hanteren, kun je tot een besluit komen dat navolgbaar en verdedigbaar is en dat het meest recht doet aan de belangen van de cliënt en de eventuele leden van een cliëntsysteem.