Op een maandagmorgen met sterke tegenwind zitten redactieleden Lynne Wolbert en Taco Visser bij bijzonder hoogleraar Andries Baart aan de keukentafel voor een interview over de door hem ontwikkelde presentietheorie. Ze gaan in het bijzonder in op de betekenis ervan voor pedagogiek en onderwijs. Het blijkt een door en door relationele benadering te zijn, die ervan uitgaat dat ‘erbij blijven’ in professionaliteit belangrijker is dan genezen of oplossen. Ook Emma Donkersloot schuift aan, leerkracht speciaal onderwijs, masterstudent ecologische pedagogiek én deelnemer aan Andries’ cursus rond zijn boek Iemand voor iemand: Handboek presentie. Een goed viergesprek volgt.
Wat zijn essenties om de presentiebenadering goed te begrijpen?
Andries: Het gaat er fundamenteel om dat je, in dit geval, naar pedagogiek en onderwijs kijkt in relationele termen. En dat is anders dan kijken naar ‘relaties’, want je kunt in principe relationeel werken zonder de relatie aan te gaan. Echt relationeel werken is iemand zien, in zijn context, in zijn afkomst, in zijn geschiedenis, in zijn tijd, in zijn beleving. Met de presentiebenadering probeer je voortdurend relationeel te kijken, relationeel te handelen, relationeel te spreken, relationeel te evalueren: dus door en door relationeel. Daarmee creëer je als het ware een bedding waarin de betrekking ontstaat en je vervolgens allerlei zakelijke expertise kunt gebruiken. Dus je zet geen
zakelijke expertise overboord, maar je gebruikt die op geleide van het relationeel werken.
Dit relationeel werken klinkt vanzelfsprekend. Mijn ervaring is dat mensen makkelijk zeggen dat ze relationeel werken, maar als je goed kijkt, valt het dikwijls enorm tegen. Omdat het handelen uiteindelijk toch door hun logica wordt bepaald. Het tegendeel is dus waar. Werkelijk relationeel werken is lastig. We zijn erg geneigd om te denken: als professional weet ik wat hier moet gebeuren. En het gebeurt in mijn tempo, in mijn ruimte, op mijn voorwaarden. Maar dit alles betekent dat je jezelf opdringt: jouw logica, jouw doelen. Het is nog een hele opgave om relationeel te werken. Maar áls je dat doet, dan sluit je echt bij mensen aan. Aansluiten is de voorwaarde voor alles. Of je nu als psychiater werkt, als jeugdhulpverlener of als onderwijsgevende. Als je niet aansluit wordt het echt niks. Je moet wel.
Emma, wat betekent de presentiebenadering voor jou?
Emma: In het onderwijs hoor je vaak: ‘relatie voor prestatie’. Maar als je denkt dat je al een relatie aangaat met het voeren van een oudergesprek en het stellen van persoonlijke vragen, dan plaats je jezelf voorop. Je gaat dan uit van jouw behoefte aan een relatie en wat jij denkt daarvoor nodig te hebben. Maar zo werkt het dus niet. Mij n ervaring is dat echt relationeel werken heel veel tij d kost. Tijd om te kijken: wat gebeurt er nu? Het kost tijd in je praktijk, in het contact met mensen, om een goed beeld te kunnen krijgen. En daar moet dan wel ruimte voor zijn, ruimte die je zelf daarvoor wilt maken, maar die je ook moet krijgen, van je collega’s, van je directie, noem het maar op. Ik vraag me af of die ruimte er altijd is.