Kinderrechten

Kinderrechten

Productgroep PIP 145
3,95
Gratis voor abonnees.

Omschrijving

Nederland heeft op 8 maart 1995 het Internationaal verdrag inzake de rechten van het kind (IVRK) ondertekend. Dat betekent dat Nederland zich moet inzetten om deze rechten na te leven. De VN heeft het Kinderrechtencomité opgericht om toezicht te houden op naleving van het IVRK. Iedere vijf jaar moet Nederland rapporteren hoe het hiermee staat. Naar aanleiding daarvan stelt het comité aanbevelingen op – Concluding Observations and recommendations – die benoemen men welke rechten in Nederland geschonden of beter nageleefd dienen te worden.

Het Kinderrechtencomité heeft op 9 maart 2022 de staat teruggegeven zich zorgen te maken dat kinderen niet automatisch een wettelijke vertegenwoordiger toegewezen krijgen bij bepaalde ‘kleine vergrijpen’. Het gebruik van voorlopige hechtenis moet voorkomen en beperkt worden door ervoor te zorgen dat kinderen die zijn aangehouden en beroofd van hun vrijheid zo snel mogelijk voor een competente autoriteit kunnen verschijnen om na te gaan of de vrijheidsberoving of het voortduren ervan overeenkomstig de wet is. Daarnaast moet het gebruik van vrijheidsberoving gemonitord worden om er zeker van te zijn dat die alleen gebruikt wordt als een laatste redmiddel, zo kort mogelijk en dat regelmatig gecheckt wordt of deze beëindigd kan worden. De maatregelen inzake het geven van begeleiding aan alle relevante personen met gezag moeten verbeterd worden, om het belang van het kind op elk gebied te garanderen en ervoor te zorgen dat het belang van het kind in alle beslissingen altijd een eerste overweging vormt.

‘Sinds ik 12 ben, word ik al aangehouden en zit ik op het politiebureau. De eerste keer ging ik zwartrijden in de tram, toen werden we aangehouden en meegenomen. Ik had mijn ID niet bij mij, ik zei dat ik 12 jaar was en dat dit überhaupt niet eens nodig was. Maar ze vonden het toch nodig om mij mee te nemen. Ik werd niet geloofd. Ik schrok daarvan, ik ben 12 jaar en je weet niet wat je meemaakt. Ik werd toen in een cel gegooid voor een uurtje of vier. Er was niets in die cel, je kreeg ook niets te eten of te drinken.