Opgroeien voor merg en been

Opgroeien voor merg en been

Productgroep PIP 144
3,95
Gratis voor abonnees.

Omschrijving

De bijdragen aan het themadeel van dit nummer vormen een rijk geheel dat tot nadenken stemt. De noodzaak van een relationeel ingerichte pedagogiek wordt overtuigend uit de doeken gedaan. Ik kan dat slechts beamen, maar bepleit ook graag enkele nuances. Ik ben een door en door relationeel denker en juist daardoor er diep van doordrongen dat ‘relaties’ hoogst dubbelzinnig zijn. Ja, ze kunnen in het teken staan van hechting, aandacht, groei en nabijheid, zoals in dit nummer royaal geïllustreerd is. Maar dezelfde relaties kunnen ook toxisch zijn en de betrokkenen kleinhouden, de plek waar al dan niet stilzwijgend macht wordt uitgeoefend en empathie de leerschool blijkt voor effectief treiteren en koeioneren. We moeten waken voor romantisch en naïef enthousiasme over de betekenis van relaties. Ik heb geleerd niet te denken in termen van relaties maar van relationaliteit, als een manier van waarnemen, interpreteren, afstemmen en bijvoorbeeld antwoorden.

Het zelfstandig naamwoord
(relatie) wordt dan ingeruild voor een werkwoord: een moreel gekwalificeerde manier van doen. Die is trouwens beter vol te houden dan onophoudelijk relaties te moeten aangaan. Deze kleine maar gewichtige verschuiving maakt tegelijk zichtbaar – zoals ook blijkt uit de aangrijpende casuïstiek in dit nummer – dat present zijn en erbij blijven ‘werken’ is, hard werken zelfs. Je hébt geen relatie, maar zwoegt om relationaliteit haar werk te laten doen zodat aan het licht kan komen wat in de betreffende omstandigheden verstandig en liefdevol lijkt om te doen. Natuurlijk, gegeven waar het in je vak uiteindelijk om draait. Deze formulering laat twee bakens zien: het goed waarop de pedagogiek uiteindelijk gericht is en wat goed is voor dit ene kind op dit moment in deze omstandigheid. Daar komt een derde bij dat in dit nummer weinig aandacht kreeg: wat goed is voor ons allen, het gemeengoed (common good). Pedagogen streven niet alleen naar bloeiende kinderen die zichzelf kunnen zijn, maar ook naar een rechtvaardige en zorgzame maatschappij die het goede samenleven van allen behoedt en duurzaam bevordert. 
Relationeel denken is uiteindelijk dus ecologisch denken – onszelf begrijpen vanuit onze samenhangen en afhankelijkheden. Kort gezegd, we voeden op voor merg en been: de zachte en kwetsbare kern van de enkeling en de harde, botachtige structuur die daaraan bescherming biedt.