Pedagogische kortsluiting

Pedagogische kortsluiting

Productgroep PIP 145
Gratis

Omschrijving

‘Ik had er buikpijn van’, vertelt een jeugdhulpverlener mij. ‘De situatie van deze moeder en haar kinderen scoorde superhoog op het risicotaxatie-instrument. En op basis van het veiligheidsprotocol werd ingeschat dat het te onveilig was om thuis te blijven. Maar moeder was doodsbang voor de noodopvang. Ze was daar eerder geweest en dat was traumatisch. Ze smeekte me er niet naartoe te hoeven. Wat kon ik doen?’

Wat doe je als regels, protocollen en instrumenten niet goed passen bij de situatie van een gezin? De regels zijn er niet voor niets. Ze zijn bijvoorbeeld gebaseerd op kennis over veiligheid, kwaliteit van hulp, doelmatigheid of het voorkomen van willekeur. Toch sluiten ze niet altijd aan bij wat in een specifieke situatie nodig is. System says no. Wat dan? 

Dit soort systeemspanning is ongemakkelijk. Allereerst voor jongeren en gezinnen. Hoewel de spanning zich in alle lagen van de jeugdhulp voordoet, komt die uiteindelijk vaak bij hen terecht. Terwijl juist zij in deze situaties meestal weinig invloed hebben op wat er wordt besloten. Maar ook voor professionals is het ingewikkeld. Zij voelen dat het anders moet, terwijl onzeker blijft hoe een andere aanpak uitpakt. Want wat als het misgaat? De professional uit het voorbeeld besloot samen met een collega van een andere organisatie het gesprek met de moeder aan te gaan. In dat gesprek ontstond een alternatief: een familielid zou tijdelijk bij moeder en kind intrekken. Nog steeds spannend, maar voor dit gezin werkte het.

De spanning tussen wat nodig is en wat mogelijk is, hoort bij het werken in de jeugdhulp. En veel professionals leren individueel met dit soort situaties omgaan. Ze leren al doende wat wel en niet werkt. Maar die kennis is persoonsgebonden en blijft vaak versnipperd, terwijl het omgaan met systeemspanning geen individueel probleem is. Het is een structureel onderdeel van het jeugdhulpsysteem. Daarom is het belangrij k dat de kennis en ervaring wordt gebruikt om het systeem te verbeteren, en om regels en werkwijzen aan te passen.

Jeugdhulporganisaties hebben hierin een belangrijke rol. Dat begint met ruimte maken voor twijfel. Het betekent ook: gezamenlijk staan voor moeilijke beslissingen. Een leidinggevende vertelde me dat ze verschillende keren het gesprek aanging met de gemeente en zo de professionals en het gezin ondersteunde in het besluit om het anders te doen: ‘Regels zijn er met een bedoeling. Maar in sommige situaties kan de regel nooit de bedoeling zijn geweest. Dan moeten we zoeken naar een andere oplossing. En als we aan anderen moeten uitleggen waarom we ons niet aan de regel hebben gehouden, dan doen we dat.’