Als kind observeerde ik al het gedrag van mensen, met name de interacties tussen mensen. Ik was nieuwsgierig, wilde begrijpen waarom mensen doen zoals ze doen, stelde veel vragen en was niet snel tevreden met een antwoord. Informatie naar mogelijke antwoorden probeerde ik uit boeken, tijdschriften en gesprekken met volwassenen te halen. Ik weet nog dat een leerkracht mij verbaasd aankeek toen ik het boek De pragmatische aspecten van de menselijke communicatie (Watzlawick, 1983) las. Het boek was per ongeluk in de bibliotheek van de leerlingen terechtgekomen, het was niet de bedoeling dat ik dit las.