Klimaatverandering in de les

Klimaatverandering in de les

Productgroep PIP 144
3,95
Gratis voor abonnees.

Omschrijving

‘Geen klimaatindoctrinatie op school!’ Dit standpunt van de PVV beïnvloedt sterk het debat over onderwijs over klimaatverandering. Het onderwerp wordt steeds vaker gezien als een links thema dat niet thuishoort in het onderwijs. Veel jongeren voelen zich echter machteloos over klimaatverandering en krijgen volgens organisaties als het LAKS juist te weinig ruimte om het op school te bespreken. Hoe kunnen docenten in het voortgezet onderwijs omgaan met een politiek beladen thema dat zoveel emoties oproept?

'We gaan toch niet lesgeven over het klimaat dat vergaat: het klimaat valt niet meer te redden en dan ga jij kinderen daarmee lastigvallen?! Frame het anders, noem het anders – mensen hebben hier geen zin in. Daarnaast is het een links thema, dat krijg je toch niet neutraal onderwezen?! En: als wij iets doen, maar Amerika niet: wat heeft dit dan voor zin? Bovendien weten we toch al wat we moeten doen: minder vliegen, minder vlees eten, minder consumeren, elektrisch rijden… Dat willen we niet meer horen, joh. En trouwens, we hebben al zoveel stof te behandelen: moet dit er ook nog bij?!’ 
Het zijn enkele reacties van collega-docenten maatschappij leer toen we vertelden over Klimaatwijzer: een platform met kant-en-klaar lesmateriaal dat klimaatvraagstukken koppelt aan het curriculum van de maatschappij vakken. Samen met verschillende sociaalwetenschappelijke onderwijsontwikkelaars startten we dit initiatief, juist omdat het vraagstuk van klimaatverandering niet alleen natuurwetenschappelijke en technische, maar ook sociale en politieke dimensies kent. Klimaatverandering wordt immers versterkt door en heeft gevolgen voor lokale, nationale en mondiale sociale ongelijkheden. Zo berekende Oxfam Novib (2023) dat de rijkste tien procent van de wereldbevolking – waartoe veel Nederlanders behoren – verantwoordelijk is voor ongeveer vijftig procent van de toename van CO2-uitstoot sinds 1990. De ernstigste gevolgen ervan komen terecht bij de allerarmsten, bij de natuur en bij de huidige, jongere en toekomstige generaties.
Bovendien bestaan er uiteenlopende overtuigingen over de probleemdefinitie en mogelijke oplossingen van klimaatverandering. Hoewel de meerderheid van de wereldbevolking en klimaatwetenschappers het klimaatprobleem erkent en wil dat er actie op ondernomen wordt, is er nog weinig eensgezindheid over mogelijke oplossingen. Waar de een vooral gelooft in het stimuleren van duurzaam gedrag bij burgers, het transformeren van de economie, of het zwaarder belasten van vervuilende bedrijven, ziet de ander juist veel in technologische innovaties die de economie verduurzamen. Leerlingen zouden kennis moeten maken met deze verschillende visies op het klimaatvraagstuk en deze kritisch durven te bevragen en onderzoeken. Tegelijkertijd zien we dat het complexe maatschappelijke vraagstuk lokaal vaak al vorm krijgt in allerlei concrete burgercollectieven die samenwerken om buurten, scholen en wijken te vergroenen. Klimaatverandering kent dus een sociale dimensie en raakt daarmee aan de kern van de maatschappij vakken.

Verankering van het klimaatvraagstuk in curricula
In Nederland is het klimaatvraagstuk primair ondergebracht bij het vak aardrijkskunde. Dat betekent dat docenten van andere vakken vaak zeggen: ‘Het staat niet expliciet in het curriculum van mijn vak, dus ik doe er niks mee.’ Het blijft daarom bij andere vakken onderbelicht, want de curricula zijn overvol en herzieningsprocessen traag en complex. Een recente brandbrief (in oktober 2025) van ruim dertig onderwijsinstellingen en duurzaamheidsinitiatieven aan de vaste Kamercommissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (Groen et al., 2025) laat zien dat een bredere verankering van klimaatverandering in de kerndoelen van meerdere vakken voorlopig nog toekomstmuziek lijkt. In de brandbrief werd betoogd dat in de definitieve conceptkerndoelen burgerschap de relatie met klimaatverandering en duurzaamheid was verwaterd – terwijl deze er eerder nog expliciet in stond. Het blijft in Nederland moeilijk om klimaat- en duurzaamheidsvraagstukken structureel te verankeren in nationale curricula van meerdere schoolvakken.